Schiedams Nieuws
Waterweg Actueel

Editie Vlaardingen / Maassluis / Schiedam / Hoek van Holland /

VLAARDINGEN: STROOMOPWAARTS VOLLEDIG ZELF VERANTWOORDELIJK

VLAARDINGEN- Het regionale participatiebedrijf Stroomopwaarts (SOW) moet volledig zelf verantwoordelijk worden voor haar bedrijfsvoering. Dat laat het Vlaardingse college van burgemeester en wethouders weten aan de eigen gemeenteraad. De drie waterweggemeenten hebben bureau BMC opdracht gegeven om een advies uit te brengen hoe dit het beste vorm te geven. Dit advies was in februari 2020 gereed. Op basis hiervan hebben de gemeentebesturen van Maassluis, Vlaardingen en Schiedam de gemeentesecretarissen en de directeur van SOW gezamenlijk de opdracht gegeven hier nader uitvoering aan te geven. Voor de eerste fase van dit project is een bedrag van 80.000 euro beschikbaar.

De ondernemingsraden van de drie gemeenten en SOW is advies gevraagd over dit voorgenomen besluit. Als dit advies er is, kunnen de drie gemeenteraden naar verwachting in juni of juli een definitief besluit nemen.

De gemeenten Maassluis, Vlaardingen en Schiedam hebben in 2014 besloten om het SOW op te richten (een fusie van alle sociale diensten en de sociale werkplaatsen). Daarbij is toen de keuze gemaakt om ondersteunende diensten op het gebied van de bedrijfsvoering van SOW te leveren vanuit de drie waterweggemeenten. Denk hierbij aan diensten als financiën, juridische zaken en ICT. Dit model blijkt niet (meer) te passen. 

GEEF UW MENING!!

Plaats een reactie onder dit bericht op deze site (scrol naar beneden). Gebruik uw vrijheid van meningsuiting!

LET OP!! Spreek vrijuit, maar reacties die oproepen tot geweld en verwensingen met ziektes worden niet getoond.

Publicatie kan (soms) enige tijd duren.

3 reacties op “VLAARDINGEN: STROOMOPWAARTS VOLLEDIG ZELF VERANTWOORDELIJK

  1. Stroomopwaarts MVS is niet meer en niet minder dan een Openbaar Lichaam met rechtspersoonlijkheid, opgericht bij gezamenlijk besluit van de 3 MVS-colleges die dus de enige participanten zijn. Als bestuursorgaan is Stroomopwaarts MVS slechts bevoegd in mandaat te handelen, en de vraag is daarbij steeds welk van de twee vigerende mandaatregelingen nu geldt: het mandaat op grond van de Participatiewet (art. 7 lid 4) dat volgens schrijven van mw. Curfs stilletjes zou zijn ingetreden tegelijk met het oprichtingsbesluit van Stroomopwaarts MVS, of het latere mandaatbesluit op grond van de Algemene wet bestuursrecht dat op geheel andere zaken ziet, althans formeel.

    Werkelijk geen hond die vooraf weet met wie of wat of met welk intern ‘proces’ van Openbaar Lichaam Stroomopwaarts MVS hij of zij te maken heeft, dus zowel burger als bedrijfsleven weet nooit welke rechtsverhouding(en) gelden. Volgens ‘de voorschriften’ is het dan ook niet de bedoeling dat burger en MKB vooraf weten met wie of wat van doen te hebben, dit steeds met het oogmerk om vrijwilligheid bij de wederpartij te pretenderen die moet worden vermoed er niet te zijn.

    Nu moet de meer oplettende burger of MKB-er proberen uit de opmaak van de brieven van Stroomopwaarts MVS zien op te maken of hij te maken heeft met het privaatrechtelijk optredende ‘proces’, of het in bestuursrechtelijk zin optredende ‘proces’ van Stroomopwaarts MVS.

    Een uitnodiging tot gesprek van Stroomopwaarts MVS is een privaatrechtelijke rechtshandeling met het oogmerk ‘tot afspraken te komen’ , overeen te komen dus met de rechtspersoon Stroomopwaarts MVS, bewust misleidend ‘Participatiebedrijf Stroomopwaarts MVS’ genoemd. Qua rechtspersoon is Stroomopwaarts MVS ondeelbaar en zijn de drie aandeelhouders in de meest ruime zin aansprakelijk. Stroomopwaarts MVS is wat betreft deze rechtshandelingen in privaatrechtelijke zin volstrekt zelfstandig en ook aansprakelijk en ondertekend zou dus moeten worden door of namens de directie. De brieven zijn echter volgens voorschrift van hogerhand weloverwogen in hybride vorm opgemaak, waarbj de uitnodiging tot gesprek, dus een rechtshandeling in privaatrechtelijke zin, steeds later hoe het Stroomopwaarts MVS goeddunkt op papier kan worden ‘omgezet’ in feitelijke handeling ter voor bereiding op een bestuursbesluit, steeds in mandaat want Stroomopwaarts is weliswaar een zelfstandige rechtspersoon maar geen zelfstandig bestuursorgaan. De reden waarom uitnodigende brieven steeds namens een der deelnemende colleges wordt ondertekend moet worden gezocht in de afzonderlijke mandaatregelingen.

    Zou dwangarbeid bij ‘maatwerkbesluit’ aan de burger worden opgelegd, dan zou aanstonds sprake zijn van schending van het verbod op gedwongen arbeid. Op een dergelijk besluit ziet de Algemene wet bestuursrecht waaruit volgt dat een besluit steeds vooraf moet zijn gemotiveerd, en een voorgenomen misdrijf als dwangarbeid ga je natuurlijk niet vooraf niet met een een soort schuldbekentenis waaruit het opzet blijkt als bestuursorgaan opleggen bij besluit. Dus is de Algemene wet bestuursrecht op een bepaalde manier buiten toepassing verklaard met het oog op de wisseltruuk waarbij een rechtshandeling van het privaatrechtelijke ‘proces’ van Stroomopwaarts MVS steeds achteraf op papier zou kunnen worden vervalst tot feitelijke handeling vooruitlopend op dit misdrijf. Een namens een der deelnemende colleges ondertekende brief van rechtspersoon Stroomopwaarts MVS kwalificeert dus als strafbare voorbereidingshandeling, redenen waarom de fficier van Justitie te Rotterdam een aantal van deze schriftelijke uitnodigingen tot gesprek ‘volgens de voorschriften’ zou her-kwalificeren als waren het ‘schriftelijke verslagleggingen van meerdere (telefonische) gesprekken om onder de strafklacht uit te kunnen komen.

    Nederland kent helaas geen Constitutioneel Hof en ook geen onafhankelijke Staande Magistratuur maar behelpt zich met een lobby-club als de Eerste Kamer en een Openbaar Ministerie dat niet meer is dan een bestuursorgaan waarvoor kennelijk dezelfde voorschriften strekkende tot valsheid in geschrift als onderdeel van hoger-bedrog geldt.

    Het komt er nu feitelijk op neer dat Stroomopwaarts MVS vanwege de opmerkelijke mandaatregeling die feitelijk is opgelegd met de Participatiewet in de praktijk vrijelijk haar gang kan gaan wat betreft diverse misdrijven steeds strekkende
    tot onvrije arbeid, waarbij moet worden voorgewend dat zulks vrijwillig zou zijn aangegaan. Zolang de regionale dwangarbeider niet klaagt is er geen man overboord, doch zodra hij wel klaagt treedt de werking van de ondertekening namens een der colleges op de uitnodigingsbrieven van Stroomopwaarts MVS in met het oogmerk om van gedaante te veranderen van rechtspersoon in bestuursorgaan om de burger de toegang tot de burgerlijke rechter en een behoorlijke procedure op tegenspraak af te snijden en feitelijk een beroep op de aantoonbaar participerende bestuursrechter af te dwingen, meestal door de burger als private uitvoerende partij zonder een cent te zetten.

    De drie MVS-colleges dragen uiteraard kennis van opgemelde misdrijven volgens voorschriften van het Rijk waarbij zij als gevolgg van de opmerkelijke mandaatregeling bij Participatiewet die staat voor verkapte delegatie van Rijkstaken richting Openbaar Lichaam Stroomopwaarts MVS, feitelijk helemaal niks te vertellen hebben over het doen en laten van Stroomopwaarts MVS, redenen waarom dus niet de gemeentes verantwoordelijk zouden moeten zijn voor de misdrijven volgens voorschrift maar het Rijk de verantwoordelijkheid en daarmee de aansprakelijkheid met oog op de volgens de voorschriften bedrijfsmatige misdrijven gaat dragen.

    Begrijp ik het goed dan trekken de 3 MVS-collegs hiermee de handen af van Openbaar Lichaam Stroomopwaarts MVS dat mijns inziens van mert af aan is bedoeld als een soort Rijksgouw naar het model van de Weimar republiek om op deze manier geruisloos een extra bestuurslaag op non-democratische grondslag in te voeren.

    Is daarmee dan de eerder participatie in de criminele organisatie Stroomopwaarts MVS van de diverse betrokkenen dan ook vertrokken..?

    bestuurs

  2. Zoek eens onder ‘Pol Pot’ en dan weet je hoe het werkt bij Stroomopwaarts MVS, een vorm van socialisme die kennelijk alleen geldt tot een bepaalde kaste welke inkomens-gerelateerd is

    René Karens (fractievoorzitter GroenLinks) behoort duidelijk tot de hogere kaste zoals die zich ook manifesteerde ten tijde van de eerdere participatie samenleving zoals die gold voor contractaarbeiders onder Poenale Sanctie.

    Het verweer van René Karens (fractievoorzitter GroenLinks) doet denken aan de verdedinging van het systeem onder Poenale Sanctie waarvan ook toen de ingecalculeerde misstanden uiteindelijk doorsijpelden…

    Het gaat René Karens als veranwoordelijk volksvertegenwoordiger dus gewoon om geldelijk gewin dan wel besparingen waarvoor de menselijke maat als het aan hem lig moet (blijven) wijken.

  3. De oplichters ontmaskeren zich zelf?

    Anders dan waarmee de MVS-gemeenteraden hebben ingestemd is er nooit een “Participatiebedrijf Stroomopwaarts MVS’ opgericht maar hebben de 3 MVS colleges eerst bij gezamenlijk besluit een gemeenschappelijke regeling in het leven geroepen en zag later het ‘Openbaar Lichaam Stroomopwaarts MVS’ het licht. Het bestuur van dit nieuwe Openbaar lLichaam Stroomopwaarts MVS had daarna het ‘Participatiebedrijf Stroomopwaarts MVS’ bij bestuursbesluit moeten motiveren en daarna het bedrijf onder deze naam moeten inschrijven bij het Handelsregister (KvK). Het bestuur van Openbaar Lichaam Stroomopwaarts MVS heeft echter niet besloten tot oprichting van ‘Participatiebedrijf Stroomopwaarts MVS’ dat dus ook nooit is ingeschreven bij de Kamer van Koophandel, en dat was dus ook nooit de bedoeling.

    Participatiebedrijf Stroomopwaarts MVS bestaat dus in werkelijkheid niet en er is dus ook geen directie of directeur van dit ‘bedrijf’. Dit betekent dat zowel Openbaar Lichaam Stroomopwaarts MVS als haar directeur volledig voldoen aan de delictsomschrijving van art. 326 WvSr en wat betreft het opzet van strafbare voorbereidingshandelingen en volharden in misdrijven welke aan hun bekend moeten worden geacht, gaan de MVS-colleges natuurlijk ook niet vrij-uit.

    Nu laten ‘onderzoeken’ of Stroomopwaarts MVS zelf volledig verantwoordelijk kan gaan worden zal de verantwoordelijken voor de hierboven geschetste particiatiezwendel niet baten, alsof de betrokkenen onder het motto “Wir haben es nicht gewusst’ nu zouden moeten laten ‘onderzoeken’ aan welke misdrijven men zich toch echt willens en wetens heeft schuldig gemaakt en met het oogmerk van zelfverrijking of verrijking van betrokken derde-partijen. Er is dus geen bedrijf dat zelfstandig zou kunnen doorgaan en daar valt dus ook niet maar dan ook helemaal niets aan te onderzoeken! Openbaar Lichaam Stroomopwaarts is louter in het leven geroepen om misbruik te kunnen maken rechtspersoonlijkheid in combinatie met een tweetal opmerkelijke mandaatregelingen: de mandaatregeling ex. art. 7 lid 4 Participatiewet en de mandaatregeling in de zin van de Alegemene wet bestuursrecht die pas in werking komt wanneer een belanghebbende burger het college van de woonplaats verzoekt in de plaats te treden van Stroomopwaarts MVS wat betreft de uitvoering in haar hoedanigheid van private administrateur die de uitbetalingen op grond van het recht dat is gevestigd met het toekenningsbesluit van dat college. De drie MVS-colleges hebben met het oog op deze in privaat uit te voeren uitbetalingen het Openbaar Lichaam Stroomopwaarts MVS daarom ‘GEMACHTIGD’, dus met een zuiver beroep op de rechtspersoonlijkheid van Stroomopwaarts MVS. Op alle middels uitnodigingen tot keukentafelgespreken ingeleide rechtshandelingen van Stroomopwaarts MVS en deze uitbetalingen ziet dus het Burgerlijk Wetboek en is uitsluiten de burgerlijke rechter te oordelen bij een dispuut met rechtspersoon Stroomopwaarts MVS.

    Zou er daadwerkelijk een Participatiebedrijf Stroomopwaarts MVS hebben bestaan, dan zou het bestuur van Openbaar Lichaam Stroomopwaarts MVS dat separate bedrijf dus niet alleen eerst bij (gemotiveerd!) besluit hebben moeten oprichten en de motivering toetsbaar, maar dus ook hebben moeten inschrijven onder die naam. Als dit alles nu volgens de regels zou zijn gebeurd, dan zou het bestuur van Openbaar Lichaam Stroomopwaarts MVS het Participatiebedrijf Stroomopwaarts MVS dus ‘DE OPDRACHT’ hebben gegeven uitvoering te geven aan rechtsgeldige toekenningsbesluiten.

    Probleem bij een opdracht als hierboven dus had gemoeten is dat Stroomopwaarts MVS geen zelfstandig Openbaar Lichaam is maar een een soort ‘verlengd Openbaar Lichaam’ dat geen zelfstandige besluiten in de zin van de WMO 2015, Participatiewet en de Jeugdwet kan nemen. Beslissingen van Stroomopwaarts MVS bestaan dus niet. Stroomopwaarts MVS beslist uitsluitend namens een er MVS-colleges in mandaat. Hey, dat is vreemd want de Algemene wet bestuursrecht is met ondermeer de Participatiewet buiten toepassing verklaard om de aanvraag in de zin van die Awb te kunnen vervangen door ‘het keukentafelgesprek’ waarop primair het Burgerlijk Wetboek ziet, althans wanneer men het heeft over vrije Europese Burgers.

    Stroomopwaarts MVS is in haar rechtspersoonlijkheidsbezittende hoedanigheid dus door de MVS-colleges uitsluitend ‘gemachtigd’ als administrateur uitbetalingen te verzorgen, en komt daarbij dus geen enkel ander rechtshandeling toe. In haar bestuurlijke hoedanigheid komt Stroomopwaarts slechts enige beslissingsbevoegdheid toe als geregeld in het mandaatbesluit van de 3 MVS-colleges dat wat betreft de Participatiewet is beperkt tot het nemenen van beslissingen op bezwaar tegen beslissingen op verzoek van de belanghebbende genomen in de zin van art. 79 Pw. De belanghebbende burger verzoekt hierbij het college een rechtshandeling van administrateur Stroomopwaarts MVS bij besluit tot de hare te maken, en dat is natuurlijk raar wanneer die rechtshandeling bij gezamenlijke volmacht van de 3 MVS-colleges is verricht en het college van de woonplaats daar al voor staat en daar als ‘aandeelhouder/participant’ reeds voor aansprakelijk is. Vastgesteld moet worden dat met een verzoek ex. art. 79Pw de eerder machtiging wordt gewijzigd: Daar waar eerst alle drie de in rechtspersoon Stroomopwaarts MVS bij besluit machtigden, verzoekt de burger nu feitelijk die machtiging zodanig te herzien dat het college van de woonplaats beide andere participerende colleges vrijwaardt van enig vordering gebaseerd op de verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid van de in privaatrechtelijke zin ondeelbare rechtspersoon Stroomopwaarts MVS die als rechtseenheid dan meestal onrechtmatig heeft gehandeld jegens de burger die het betreft en dan ook als zodanig in rechte zou moeten worden betrokken.

    Met een beslissing op een verzoek ex. 79Pw wordt het college volgens dat artikel verantwoordelijk voor de handelingen van de door haar gemachtigde rechtspersoon en zou in feite de gezamenlijk volmacht van de 3 MVS-colleges achteraf worden gewijzigd wat betreft die ene bewoner. Als die burger het dan niet eens zou zijn zijn met dat besluit van het college, dat staat daar het rechtsmiddel van bezwaar tegen open. Prof. Scheltema stelt in diens advies aan de minister na de vaststelling dat nu de Awb buiten toepassing is verklaard, de rechtsbescherming van de burger feitelijk ontbreekt, dat het in bezwaar en mogelijk beroep op de bestuursrechter niet gaat over de onrechtmatige daad van in casu Stroomopwaarts MVS maar uitsluitend over de daarmee aangerichte schade bij de burger.

    Nu de Algemene wet bestuursrecht met de Participatiewet buiten toepassing is verklaard, is het dus onmogelijk dat Stroomopwaarts MVS in mandaat beslissingen zou nemen, laat staan dat Stroomopwaarts MVS zelfstandig een beslissing kan afgeven, en toch doet Stroomopwaarts MVS dat soms, waarmee het dus voldoet aan de delictsomschrijving van art. 326 WvSr en behalve het aannemen van een valse hoedanigheid ook nog schuldig maakt aan valsheid in geschrift. Dit viel de Officier van Justitie te Rotterdam ook op nadat daar een strafklacht was neergelegd.

    Als gesteld is Stroomopwaarts MVS dus in het leven geroepen met het oogmerk van onvrije arbeid en dus schending van diverse mensenrechtenverdragen, en zou om die reden misbruik van juridische hoedanigheid worden ingebouwd in het systeem. In feit is hier dus geen sprake van een bedrijf in de zin der wet maar van ‘bedrijfsmatige misdrijven’ te begaan door een daartoe ingesteld ‘Verlengd Openbaar Lichaam’ dat vervolgens gebruik maakt van de in dit systeem ingebouwde wisseltruuk die, zou de Algemene wet bestuursrecht wel van toepassing zijn verklaard op WMO 2015, Participatiewet en Jeugdwet, onmogelijk zijn geweest.

    Rechtspersoon Stroomopwaarts MVS is uitsluitend gemachtigd om de burgers uit te betalen, en wanneer de arbeidsongeschikte burger diens re-integratie thans participatie-verplichtingen niet nakomt, als bij de wet poortwachter naar rato geld in te houden. Steeds moet aan uitbetaling dan wel inhouden een beslissing vooraf zijn gegaan in de zin van de Participatiewet. Echter sluit deze Pw elke andere beslissing dan het na aanmelding ambtshalve toekenningsbesluit uit! Met andere woorden: er is dus nooit een beslissing die vooraf kan gaan aan een inhouding door rechtspersoon Stroomopwaarts MVS. Op dergelijke inhouding ziet dus uitsluitend de machtiging van 3 MVS-colleges in vereniging.

    Volgens de vigerende mandaat-regeling is Stroomopwaarts MVS als verlengd Openbaar Lichaam Stroomopwaarts MVS dus niet bevoegd tot het nemen van primaire besluiten in de zin van de Participatiewet en dus ook niet op grond van de verordeningen van de afzonderlijke gemeenteraden. Verder is het uitsluitend bevoegd te beslissen op een verzoek ex 79 PW, gericht dus tot het college van de woonplaats van de verzoeker. Dat is raar: je bent het niet eens met een in jouw ogen onrechtmatige daad van Stroomopwaarts MVS dat jou middels het achteroverdrukken van jouw geld dwingt een ander Openbaar Lichaam als het college van je woonplaats iets te verzoeken waarbij dat verzoek aan het college van de woonplaats dan door een daartoe speciaal in het leven geroepen functionaris wordt ‘aangemerkt’ Lees vervalst!) als bezwaarschrift ingesteld tegen …. niks dus, immers komt afgifte van enig voor bezwaar vatbare beslissing Stroomopwaarts MVS in mandaat noch zelfstandig Openbaar Lichaam niet toe.

    Hier wordt dus een verzoek van een burger aan het college van de woonplaats om te beslissen, waarop het dus zelfstandig dient te beslissen, door Stroomopwaarts MVS feitelijk onderschept en vervolgens de feitelijke klacht over onrechtmatig handelen in de hoedanigheid van rechtspersoon middels valsheid in geschrift ‘aangemerkt’ tot bezwaarschrift tegen een dus niet bestaand besluit, immers komt afgifte van een primaire beslissing Stroomopwaarts MVS niet toe, en wordt zo voorkomen dat het college aan wie het verzoek is gericht tot besluit kan overgaan.

    Het enige waartoe Openbaar Lichaam Stroomopwaarts MVS bevoegd is, is volgens de vigerende mandaatregeling echter te beslissen op bezwaar, dus nadat een bezwaarschrift tegen een beslissing op verzoek ex. 79 Pw DOOR HET COLLEGE is genomen treedt de mandaatregeling pas in werking, waarna Stroomopwaarts MVS dan pas als verlengd Openbaar Lichaam zou mogen beslissen op het bezwaarschrift dat er in casu dus nooit zal zijn.

    Er zou dus een zelfstandig door het college van de woonplaats afgegeven beslissing moeten volgen na een verzoek daartoe in de zin van de Awb (een verzoek in de zin van de Pw is immers bij die wet uitgesloten!). De burger verzoekt daarbij het college van de woonplaats bij besluit tot indeplaatsstelling waarbij Openbaar Lichaam Gemeente… wordt indeplaats gesteld van Openbaar Lichaam Stroomopwaarts MVS, nog altijd ten aanzien van vermeend onrechtmatig handelen en in privaatrechtelijke zin dus! Is de burger het niet eens met de schadeloosstelling door het college geboden, dan kan hij bezwaar hiertegen instellen. Het college dient dat bezwaarschrift dan voor ontvangst te bevestigen en door te zenden naar de Algemene Bezwaarschriftencommissie voor advies. Op grond van het advies van deze Algemene Bezwaarschriftencommissie neemt het college dan een secundaire beslissing, ‘de beslissing op bezwaar’. Deze beslissing p bezwaar treedt feitelijk in de plaats van de eerdere primaire beslising. Van deze beslissing op bezwaar staat de burger dan toegang tot de bestuursrechter open die sinds vrij kort ook direct mag beslissen over schadebesluiten. Deze rechtsgang wordt door prof. Scheltema dan gepresenteerd als alternatief van het dagvaarden van rechtspersoon Stroomopwaarts MVS inzake haar onrechtmatig en niet zelden ook strafbaar handelen.

    Wat doet Openbaar Lichaam echter met klachten over haar dus willens en wetens ‘bedrijfsmatig’ onrechtmatig handelen, dus nog voordat de ‘belanghebbende’ burger ook maar heeft kunnen denken aan de rechtsgang ex art. 79 Pw.
    Een secretaris van Stroomopwaarts MVS, tevens secretaris van de bezwaarschriftencommissie speciaal opgericht voor Stroomopwaarts MVS, merkt de al dan niet op schrift gestelde klachten middels valselijk op te maken akte dan aan als waren het bezwaren gericht tegen enig feitelijk handelen van Stroomopwaarts MVS, dan wel als bezwaren tegen enig zelfstandige beslissing van Stroomopwaarts MVS.

    In beide gevallen is dit dus onmogelijk want de wet en het mandaatbesluit van de MVS-colleges sluiten het nemen van zelfstandige beslissingen door Openbaar Lichaam Stroomopwaarts MVS immers uit, maar hiermee is meteen de reden gegeven waarom het bestuur van Stroomopwaarts MVS nimmer heeft besloten tot de daadwerkelijke oprichting bij besluit en inschrijving van ‘Participatiebedrijf Stroomopwaarts MVS’ maar in haar hoedanigheid van rechtspersoon besliste deze valse naam naar hoe het haar uitkomt aan te wenden.

    De Officier van Justitie geconfronteerd met diverse schriftelijk uitnodigingen tot gesprek van Stroomopwaarts MVS, stelde dus vast dat deze hoe dan ook valselijk waren opgemaakt met het oogmerk deze op de een of andere manier achteraf te kunnen gebruiken, waarbij Stroomopwaarts MVS dus hoe dan ook zich bediende van een ‘valse schim’ in de zin van art. 326 WvSr waarmee de valselijkheid van dergelijke uitnodigingen maar ook beslissingen van Stroomopwaarts MVS buiten mandaat is gegeven. Gelet op ambtelijke betrokkenheid dient de OvJ de speciale Commissie voor de Rijksrecherche in te schakelen, welke commissie dan adviseert tot verder vervolging en onderzoek door de Rijksrecherche.

    Wat doet echter de Officier van Justitie: zij besluit in de dubbelrol te treden van de ambtelijk secretaris van zowel Stroomopwaarts MVS als de bezwaarschriftencommissie van Openbaar Lichaam Stroomopwaarts MVS en besluit over te gaan tot het op schrift vervalsen van de van de aangifte deel uitmakende schriftelijke uitnodigingen ot gesprek van Stroomopwaarts MVS. Het oogmerk van het mondelinge keukentafelgesprek volgens burgerlijk recht dat in de plaats zou komen van de gemotiveerde aanvraag en gemotiveerde beslissing op aanvraag in de zin van de Algemene wet bestuursrecht, namelijk in meerdere opzichten strafbare Participatiezwendel waarbij steeds achteraf van juridische hoedanigheid wordt gewisseld.

    De steeds eenzijdig door Stroomopwaarts MVS in haar hoedanigheid van rechtspersoon bij volmacht verzonden uitnodigingsbrieven kwalificeert collega ambtenaar Officier van Justitie als ‘nader op schrift gestelde verslagleggingen van meerdere (telefonische) keukentafelgesprekken’, althans woorden van gelijke strekking. De Officier van Justitie kwalificeert vervolgens rechtspersoon Stroomopwaarts MVS poepvoorzichtig als ‘instantie met voorschriften’, en verwijst daarna heel omzichtig naar de bestuursrechter die mogelijk een oplossing zou hebben voor het dispuut met Stroomopwaarts MVS.
    Het schema van het Openbaar Ministerie is als volgt: Er zijn ambtenaren betrokken bij misdrijven, echter ingevolge de Pikmeerjurisprudentie van de Hoge Raad zijn ambtenaren in strafrechtelijke zin immuun wanneer zij de geconstateerde misdrijven plegen volgens voorschift, echter hebben wij verzuimd de speciale commissie die hierover beslist in te schakelen, en dus vervalsen we gewoon de schriftelijke ingekomen strafklacht waarin als herhaald en ingelast te beschouwen diverse uitnodigingsbrieven van Stroomopwaarts MVS waaruit blijkt dat ambtenaren van Stroompwaarts MVS bedrijfsmatig valsheid en bedrog plegen.

    Hoewel Stroomopwaarts MVS in haar hoedanigheid van rechtspersoon al diverse pogingen heeft ondernomen evidente klachten te vervalsen tot bezwaren om op deze wijze alsnog achteraf van hoedanigheid te veranderen, waarmee de medeplichtigheid van de Sector Bestuursrecht feitelijk is gegeven, heeft de speciaal hiervoor ingestelde bezwaarschriftencommissie met de Officier van Justitie de vingers niet (meer) willen branden aan feitelijke kuiperij, en stuurde schriftelijk ingestelde klachten retour afzender: rechtspersoon Stroomopwaarts MVS.

    Het zal hopelijk nu wel duidelijk zijn waarom de verantwoordelijk wethouders de burgers bij voorkeur mondeling laten benaderen door de criminele organisatie waarin men participeert, en ook waarom nu vanuit participant Vlaardingen is aangedrongen om te onderzoeken hoe en of de bedrijfsvoering van Stroomopwaarts MVS kan worden verzelfstandgd, dat wil zeggen zonder gezamenlijke volmacht van de 3 particperende en voordeeltrekkende partijen de kluit kan belazeren!

    Geconfronteerd met het feit dat in bestuurlijke zin optreden gelet op de vigerende wetgeving en mandaatbesluit van de MVS-colleges is uitgesloten en zij dus kwalificeert als leidinggevende zetbaas van een criminele organisatie strekkende tot onvrije arbeid en kuiperij waarop haar beloning ziet, beriep ‘directrice’ mw. Curfs van Stroomopwaarts MVS zich op de besluitvorming waarbij Openbaar Lichaam Stroomopwaarts MVS is ingesteld door de MVS-colleges, en stelde dat daarmee sprake was van delegatie van alle bevoegdheden van de Participatiewet, waarmee zij stelt daarmee ‘carte blanche’ te hebben.

    Eerder stelde dhr. Deekman van Stroomopwaarts MVS op 7 mei 2019 toen hij een bij volmacht van het college van Schiedam aldaar schriftelijk voor gesprek uitgenodigde burger van Vlaardingen meende verbaal en ook fysiek te moeten bedreigen, dat ‘de Participatiewet staat boven elke andere wet, en daarom maak ik hier de dienst uit en verklaar ik de klachten over mij en collega’s hierbij ongegrond”.

    Hoewel mw. Curfs bij overigens objectief valselijk opgemaakt schrijven van 9 mei 2019 waarmee zij voorwend alsof de burger in kwestie zelf om de klachtafwikkeling door deze Deekman zou hebben verzocht terwijl uit schriftelijk stukken gewoon het tegenovergestelde blijkt, schreeuwde deze Deekman kennelijk namens het college van Schiedam deze inwoonster van Vlaardingen nog na ‘Je bezwaren worden toch ongegrond verklaard’.

    ‘De voorschriften’ als aangehaald door het Openbaar Ministerie bepalen dus dat klachten over handelingen in privaatrechtelijke zin steeds moeten worden vervalst tot ”op schrift gestelde verslagen van gesprekken’, terwijl hiervoor in de Participatiewet en de vigerende mandaatregeling geen aanknopingspunten zijn te vinden. Ook het besluit waarop directrice Curfs zich beroept wat betreft een zekere wetteloosheid bij Stroomopwaarts MVS biedt geen aanknopingspunten.

    Wie echter de Participatiewet nu eens van kop tot kont doorneemt en iets weet van het bestuur(proces)recht, valt ‘een foutje’ op waar je aanvankelijk geen acht op slaat. Na Deekman, Curfs en de Officier van Justitie die zich in haar sepot-beslissing wat betreft het vervalsen van ook straf-klachten tot bezwaren, zou beroepen op ‘de voorschriften’, is het waard nog een terug te bladeren.

    De Algemene wet bestuursrecht kent het mandaat waarbij een individuele ambtenaar kan worden gemandateerd tot het nemen van nader vastgestelde beslissingen. Deze ambtenaar kan werkzaam zijn voor het eigen bestuur maar ook bij een ander bestuur dat als verantwoordelijk werkgever toestemming moet geven aan haar werknemer een mandaat van een ander bestuur te aanvaarden.

    Nu met art. 79 Participatiewet de Algemene wet bestuursrecht buiten toepassing is verklaard, is in die Pw met artikel 7 lid 4 een zelfstandige mandaatregeling opgenomen waarin, anders dan in de Awb, nu een ander bestuursorgaan door het college kan worden gemandateerd. Mw. Curfs die het duidelijk aan logica ontbreekt beroept zich in een tweetal brieven dus kennelijk op deze speciale mandaatregeling bij wet daar waar zij na Deekman stelt dat zij de de haren wel degelijk carte blanche hebben, echter niet van de MVS-colleges die hooguit het katje mogen vangen voor als het mis gaat, maar van het Rijk.

    Mw. Curfs en nadien de burgermeester van Vlaardingen in de hoedanigheid van ‘ander bestuursorgaan’ zagen echter over het hoofd dat het Rijk wel zo slim was om een veiligheidsklep in te bouwen, zou het de Rijksparticipatiezwendel waarvoor mede een heel Rijksgouwenstelsel zou worden opgetuigd, onverhoopt over het voetlicht komen.

    De Participatiewet stelt met artikel 7 lid 4: Het college kan de in de eerste volzin bedoelde vaststelling en beoordeling mandateren aan bestuursorganen. Anders dan mw. Curfs van Stroomopwaarts MVS stelt bestaat er vooralsnog geen mandaatbesluit in de zin van art. 7 lid 4 van de Participatiewet. Het oogmerk is uiteraard geweest de zaken zo voor te stellen dat steeds achteraf door met name de Cenrale Raad van Beroep in de gelegenheid zou zijn met ‘feitelijkheden’ te knutselen en zo de weg naar een succesvol cassatiberoep af te snijden. Deze Centrale Raad van Beroep zou zich al eens beroepen op een mandaatregeling, en de vraag is op welke mandaatregeling de CRvB zich dan breoept; die waarbij klachten duidelijk worden vervalst tot bezwaren om de zaak op deze wijze onder jurisdictie te brengen van die CRvB, of de mandaatregeling die feitelijk staat voor Rijks-delegatie aan Rijksgouw Stroomopwaarts MVS en Gauleiterin Curfs, maar waartoe ‘het college’ (lees MVS colleges) uiteraard nog wel moet besluiten.

    Vastgesteld moet worden dat de MVS-colleges niet zozeer af willen van de bedrijfsvoering van Stroomopwaarts MVS, als wel van Openbaar Lichaam Stroomopwaarts MVS als geheel, en daarmee van de aansprakelijkheid voor het handelen volgens ‘de voorschriften’ waarin het geen enkele zeggenschap heeft maar wel wordt geacht te participeren in een Rijks-criminele organisatie…

    Het is de vraag wat de MVS-colleges nu gaan doen; openlijk afstand nemen van Openbaar Lichaam Stroomopwaarts MVS en het eertijdse besluit in te trekken zodat het wordt geacht niet te hebben bestaan, of nemen de MVS-colleges alsnog het mandaatbesluit in de zin van de Pw? Of besluit het bestuur van Openbaar Lichaam alsnog tot de oprichting van Participatiebedrijf Stroomopwaarts MVS en aanvaard het de volle verantwoordelijkheid voor de aangerichte schade en wederrechtelijk verkregen voordelen als gevolg van haar omissie, uiteraard naar rato omgeslagen naar de participerende colleges?

    Waarom is het uitgebrachte rapport niet openbaar en moeten nu de ambtelijk uitvoerende leidinggevenden als gemeentesecretarissen de colleges verder van advies dienen?

    Alsof die colleges niet heel goed weten wat er zoal speelt.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *